Slotervaart kent al drie jaar een mannentaalles met een vaste groep mannen. Dit jaar is het buurthuis opengesteld voor een aparte mannen-praatgroep. We vonden het tijd om eens beter kennis met elkaar te maken.

Bij zo’n feest horen natuurlijk kilo’s vlees – kip en gehakt. Mohamed was verantwoordelijk voor de boodschappen – ‘maar geen varken he, en ook geen alcohol, want we zijn toch een beetje moslim’. Uiteraard, zeiden wij, als onze vegetariërs ook maar iets te eten krijgen.. Zo zorgden de mannen ook voor wat salades, al konden ze moeilijk begrepen waarom je geen vlees zou eten. ‘De dames willen natuurlijk dun blijven, daarom eten ze geen vlees’. En: ‘kijk mijn buik, ik ben ook vegetarisch!’ De vegetarische couscous van Surya en het feta-spinazie bladerdeeg van Nanda vonden aan het einde van de avond toch gretig aftrek bij de mannen.

Met drie barbecues aangesloten op 1 stopcontact was het maar goed dat we een expert uit de bouw in ons midden hadden. ‘Ze kunnen niet allemaal op 1 groep’, legde hij uit. ‘Aha’, zei Levente, ‘Anders zegt ie BAM!’. ‘Nee’, zei de man, ‘dat was mijn werk!’ Na het nodige stoelendansen rond de verschillende stopcontacten bleven de lichten branden; we waren weer meester over de natuur.

Alhoewel, de enige die de titel meester over, of liever, van de natuur verdient is natuurlijk Achmed, alias Natuur. Met zijn eindeloze verhalen over wandelingen in de bossen, fluitende vogeltjes en de heilzame werking van de Sahara-zon weet hij ieders hart te veroveren. Daarnaast is er niemand die beter weet uit te drukken wat ‘gezelligheid’ is, lofzangen die ik slechts bij benadering kan reproduceren: ‘gezellig samen eten, mooi, warm, echt lekker, dan maak ik thee, echt goeie, alle mensen blij, samen praten, is belangrijk!’ Tot ons verdriet hadden we Achmed echter al enkele maanden niet gezien bij de taalles. ‘Ja, natuur he’, verzuchtten de mannen. Vanavond was zijn eerste keer in het nieuwe buurthuis: ‘aah, mooi he. is groot, kan uit raampje kijken naar de mensen, met keuken, gezellig samen eten, goed!’

En gezellig gegeten werd er. Het buurthuis werd gevuld, ook lang na het eten op was, met een vrolijke, goedlachse kakofonie. Bijzondere verhalen werden uitgewisseld, over de migratiegeschiedenis en de ontvangst in Nederland bijvoorbeeld, en er was verbroedering over de angst voor baarden van het veiligheidsapparaat: zowel oud-VoorUiter Rutger als trouwe taalles-bezoeker Abdeslem konden zich hier lachend over beklagen.

Parijs stond ieder natuurlijk nog helder op het netvlies, en hoewel het geen onderwerp van gesprek zou hoeven zijn, kwam het vanzelf naar boven. Het bijzondere was de manier waarop: op een heel luchtige manier, vanuit enkele van de mannen. Zo merkte iemand op toen ik een foto maakte: ‘hee, morgen in de krant, IS gevonden!’. Het vertrouwen en respect dat impliciet sprak uit onze samenkomst werd zo nog eens extra bekrachtigd tegen het polariserende publieke debat dat ons uit elkaar zou kunnen drijven: Ja, jullie zijn moslim, en ja, wij niet-moslims zouden met kwade wil met een foto naar de krant kunnen stappen, om het zoveelste islamofobische artikel te schrijven. Alle reden dus om niet op de foto te willen. Maar nee, hier konden fotos worden gemaakt. In het buurthuis niet de angst van de kranten, maar de lach van wederzijds vertrouwen.

Tekst en beeld: Vincent Sparreboom