Een paar weken geleden hoorden we nog dat het een kleine bedoening zou worden, of dat het misschien wel helemaal niet door zou gaan. Maar afgelopen donderdag was het dan toch zo ver: in het Huis van de Wijk de Aker vond dan toch het integratiediner plaats. Ik hoor je denken: Integratiediner? Leer je dan mensen over Nederlands eten en Nederlandse tafelmanieren?

Nee, want dat is niet wat integratie is. Integratie is juist open staan en leren van andere culturen. En dat was precies wat er bij dit etentje gebeurde: verschillende mensen namen een gerecht uit hun eigen cultuur mee zodat iedereen kon proeven aan en meegenieten van elkaars culturen. Het resultaat: lange tafels met kommen met salade en Syrisch brood, borden met kousenband en Surinaamse kip, schalen met een Joodse ovenschotel van appels en abrikoos en nog veel meer.

Iedereen, en vooral de kinderen, stond hoorbaar te trappelen om zich te storten op de prachtige gerechten. Maar na het opscheppen verstomde het lawaai, en hoorde je enkel nog een geluidloos genieten. Alles viel in de smaak; van de zelfgemaakt hummus tot de aardappelkroketjes, van de salades tot de Surinaamse kip.

Deze stilte hield stand tot het toetje: Nederlandse pannenkoeken met fruit en slagroom. De stilte van genot maakte plaats voor een gekakel van enthousiasme.
Onder het genot van een, twee (soms wel vijf pannenkoeken) werd nog even bijgekletst, voordat er gezamenlijk werd opgeruimd en de avond ten einde was.
Ik liep naar huis met een voldaan gevoel. Eens te meer had ik ontdekt dat Nederland niet meer bestaat uit hutspot, pannenkoeken en boerenkool, maar ook uit kousenband, hummus en Syrisch brood. Eens te meer werd mij duidelijk dat ook wij Nederlanders op bepaalde punten maar eens wat meer moeten gaan integreren.

Tekst: Joshua de Roos